GESCHREVEN DOOR

Thomas Heerma van Voss (NL)
VERTAALD DOOR

Laura Watkinson (GB)
PROLOOG
02 November 2009
Ruim een jaar geleden zette ik mijn laptop aan en begon ik zomaar wat te typen. Ik was op vakantie in Frankrijk en ik verveelde me. Het regende, en de meeste boeken en films die ik bij me had kende ik ondertussen al. Lukraak schreef ik iets op, tamelijk snel ontstond er op die manier een korte alinea. Ik had er geen flauw vermoeden van dat die alinea vier maanden later het begin zou vormen van een novelle, en dat die novelle in oktober dit jaar uitgegeven zou worden.
De vraag wat ik ervan vind dat mijn werk vertaald zal worden klinkt me hierom nogal vreemd in de oren. Anderhalf jaar geleden maakte ik mijn middelbare school af zonder enig gericht toekomstplan. Het is voor mij al wennen dat er überhaupt mensen zijn die de tijd nemen om te lezen wat ik schrijf, laat staan dat er iemand is die ieder woord weegt en vervolgens vertaalt. Ik ben geen persoon die snel ergens met open mond naar kijkt, maar als ik dat wel was geweest, dan had ik dat in dit geval ongetwijfeld gedaan.
Spannend is het ook wel, stel nou dat degene die zich over mijn columns moet buigen er nauwelijks iets aan vindt? Ik heb in mijn leven van alles gelezen over de betekenissen van vertalingen, over de schrijver en de vertaler die in dat proces één worden, en over de vertaler die zo eigenlijk ook een schrijver wordt, maar het enige wat ik me echt heb afgevraagd over dit onderwerp ben ik nooit tegengekomen: wat doen vertalers als ze direct merken dat de tekst waar ze mee bezig zijn eigenlijk niets is?
Behalve een antwoord op deze vraag is er niets waar ik bij Crossing Border concreet naar op zoek ben. Ik hou van lezen en ik hou van muziek, en er zijn weliswaar genoeg festivals waarbij één van de twee centraal staat, maar bij mijn weten geen waarop het draait om allebei. Dat is boeiend, of beter: dat kan boeiend zijn. Ik ben benieuwd naar de verhalen die de verschillende schrijvers zullen houden, en naar de optredens van de muzikanten, die ik overigens allemaal niet ken. Ik zou nu kunnen schrijven dat dat me juist aantrekt, om mijn horizon te verbreden, maar het lijkt me het verstandigst om in mijn eerste column de waarheid te spreken of tenminste niet te liegen: het liefst zou ik artiesten zien die ik wel goed ken, maar dat hiphop en literatuur niet samengaan is mij al langer bekend. Er zijn wel eens dagen dat ik zowel naar een ‘literaire' aangelegenheid als naar een hiphopshow ga, en een groter contrast dan tussen die twee valt er nauwelijks te bedenken. Al moet ik wel zeggen dat ik er bij beide meestal op dezelfde manier en in dezelfde kleren rondloop.
Verder zal ik gedurende Crossing Border andere jonge of in elk geval nog niet oude schrijvers ontmoeten. Ik vraag me af wat zij te vertellen zullen hebben, hoe zij als buitenlanders van over de hele wereld naar Nederland zullen kijken. Voor mij zal het een treinreis van minder dan een uur zijn, in dat opzicht zal Crossing Border geen nieuwe ervaringen opleveren - maar in genoeg andere opzichten waarschijnlijk wel. Het hele gebeuren is voor mij namelijk nieuw en het voelt nog steeds lichtelijk onwennig aan, alsof het eigenlijk voor iemand anders bedoeld is; want nu word ik gevraagd om columns te schrijven als jonge, talentvolle auteur, terwijl het slechts een jaar geleden is dat ik tijdens een regenachtige vakantie uit verveling zomaar wat begon te typen.

























.png&w=256&q=75)











