GESCHREVEN DOOR

Hassan Bahara (NL)
VERTAALD DOOR

Rhian Heppleston (GB)
Column VI
24 November 2007
Ik hoorde onlangs de schrijver A.F.Th op televisie pleiten voor een herziening van de omgangsvormen tussen schrijvers. Zulks deed hij naar aanleiding van de scheldkanonnades die een andere schrijver, Arnon Grunberg, op hem losliet. Iedereen is er stellig van overtuigd dat het een hoop gedoe om niets was. Twee schrijvers die elkaar op schrift te lijf gaan, met nauwelijks een literaire inzet. Flauw en kinderachtig. Ja, dat was het zeker, maar hun boekenverkoop zal het geen kwaad hebben gedaan. Beide vechtersbazen leken heel goed te weten dat ze met dit gescheld nog een lange tijd de aandacht op zichzelf vast konden houden. Hun verontwaardiging was uiteraard gespeeld. Het is gewoon een vast onderdeel van “the art of making stennis”.
In het interview dat A.F.Th gisteren op Crossing Border gaf, werd er nog heel kort gerefereerd aan de polemiek en aan A.F.Th’s verzoek om tijdens de uitreiking van AKO-Literatuurprijs in een aparte ruimte te dineren. Met zichtbaar veel genoegen werd die geschiedenis weer eens opgediept. Het publiek smulde er natuurlijk van, want wat kan nou nog leuker zijn dan twee schrijvers rollebollend over straat te zien gaan? Dat brengt mij bij het volgende punt: zou het geen idee zijn om op Crossing Border een literaire equivalent op te zetten van MTV’s Celebrity Death Match?
Ik stel het me zo voor dat een commissie van literaire critici schrijvers aan elkaar koppelt die een hekel aan elkaar hebben. Arnon Grunberg vs. A.F.Th. Arie Storm vs. Abdelkader Benali. Gerbrand Bakker vs. Joost Zwagerman. Of nee wacht, Joost Zwagerman, daar heeft iedereen een hekel aan. Om hem zal geloot moeten worden.
Crossing Border kan de gevechten aankondigen als zuivere polemieken. Literaire grootheden gaan eindelijk de lijfelijke confrontatie met elkaar. Na elkaar voor rotte vis uitgescholden te hebben, gaat men elkaar te lijf met een wapen naar keuze. Ze slaan net zo lang op elkaar in totdat een van hun sterft. Wie het gevecht overleeft, zal zich met recht de meerdere van de ander mogen noemen. Geen woorden, geen argumenten, geen zouteloze boutades, maar echte klappen en stompen. Dat is wat men tegenwoordig wil. Iemand beweerde ergens in een of ander tv-programma dat de literaire polemiek na W.F. Hermans doodgebloed is. Dat is niet waar, deze tijd vraagt alleen om een andere soort polemiek. Een waarbij de vuistslag luider spreekt dan alle geschreven woorden bij elkaar.
























.png&w=256&q=75)











