GESCHREVEN DOOR

Daphne Huisden (NL)
VERTAALD DOOR

Alice Paul (GB)
Epiloog
30 November 2013
Goed, ik zal er niet om liegen: natuurlijk was ik opgelucht toen de trein Rotterdam Centraal binnenreed. Mijn hart gaat altijd sneller kloppen als ik thuiskom in deze cynische stad, met zijn torenhoge gebouwen, futuristische -en soms krankzinnige- ontwerpen, mengelmoes van stijlen. Er wordt hier altijd gebouwd, herschikt, alsof we sinds het bombardement van 1940 nog altijd rusteloos op zoek zijn naar de identiteit van onze stad. Het werk is hier nooit af – de mensen nooit helemaal tevreden.
Het duurde daarom ook niet lang (ik had mijn tas nog niet uitgepakt) of een nieuw gevoel van rusteloosheid diende zich aan. Een knagend, ontevreden gevoel van gemis. Was het heimwee?
Ik probeerde het van me af te schudden en stortte me volledig in de dagelijkse sleur; boodschappen, saaie post, de bekende verplichtingen van het huishouden, maar het hielp allemaal niet. Wat voor Crossing Border zo vertrouwd voelde, de geborgenheid van de routine, benauwde me. Ik moest naar buiten.
Dus trok ik mijn jas aan en ging ik de stad in. Ik voelde me anoniem. Slenterend door het 'oude vertrouwde' dacht ik aan de nieuwe mensen die ik had ontmoet; het inspirerende en ongedwongen gezelschap van The Chronicles waar ik een paar dagen deel van mocht uitmaken. Wat zouden zij nu doen? Zouden zij ook weer moeten wennen aan de regelmaat van het alledaagse?
Ik stelde me voor dat Alice, mijn onvolprezen vertaalster, naast me liep. Ik liet haar mijn 'thuis' zien. We lieten ons over de Erasmusbrug waaien, inspecteerden de beveiliging van de Kunsthal, gingen een biertje drinken op de Binnenweg en lachten om Santa Claus, de reusachtige sculptuur van Paul McCarthy, die pontificaal in het centrum poseert – en in de volksmond beter bekend staat als Kabouter Buttplug.
Wat was eigenlijk haar favoriete Nederlandse woord?* vroeg ik me af. En: zou ze weleens luisteren naar de Jeugd van Tegenwoordig?
Crossing Border ging in een roes voorbij. Te snel om de vragen te stellen die nu pas door mijn hoofd stromen. Zo snel dat je je af zou kunnen vragen of het echt was. Ik heb me voor het eerst sinds jaren weer op mijn gemak gevoeld in onbekend gezelschap. En, vol van vertrouwen als ik ben, vraag ik me natuurlijk meteen af of ik het me niet heb verbeeld. Ben ik dan toch een sentimentele geurkaars geworden?
Maar eenmaal op mijn werkkamer, omringd door speelkaarten, goocheltrucs en ander researchmateriaal voor mijn nieuwe boek, klap ik mijn laptop open. Ik zie de nieuwe namen in mijn mailbox en dan weet ik het zeker: de kluizenaar heeft een glimp opgevangen van de wereld, en kan niet anders dan blijven kijken.
Tartuffe ligt spinnend op mijn schoot. Hij begrijpt er weinig van. Als ik een pen laat verdwijnen kijkt hij even op. Dan rekt hij zich nog eens uit. Hij heeft deze truc al te vaak gezien.
We moeten weer aan de slag, miauwt hij klagelijk. Er staat ons een nieuw boek te wachten, een nieuw avontuur. Op papier. Lekker binnen.
Hij heeft gelijk. Het werk is nooit af.
Maar dit keer wordt het anders, dit keer wordt het magisch.
*Noot van de vertaalster: Invullen! :)
























.png&w=256&q=75)











